X
| Sluiten |


Afsluitend

 
* Deel 1: 2015: vervolg introductie
* Deel 2: 2016 - 2020: ouderschapsplan onder druk
* Deel 3: 2021: vadervervreemding in gang gezet
* Deel 4: 2022: (richting) einduitspraak rechtbank
* Deel 5: 2023-2025: zinloze klachtenprocedures
Deel 3: 2021 | Oudervervreemding in gang gezet met instemming van de RvdK, CJG, Cowboys en rechtbank
Toen 2021 aanbrak heb ik aan de orde gebracht dat het ouderschapsplan al langere tijd niet goed werd nageleefd. Afspraken werden niet nagekomen en bijvoorbeeld bleef het zo dat er niet of zeer ongezond werd ontbeten voor school of een voetbalwedstrijd. Eén voedzame maaltijd per dag zou voldoende zijn, volgens mijn ex-partner. Ik gaf aan de ik medio 2021 stappen zou ondernemen als er niet echt dingen zouden verbeteren.
Begin januari 2021 was er op een maandagavond in mijn woning een aanvaring tussen mij en kinderen over regels. Iets wat in elk gezin wel eens gebeurt en ook soms ook moet gebeuren. Toen mijn ex-partner hiervan telefonisch te horen kreeg stapte zij in haar auto richting mijn woning en gaf zij de kinderen de gelegenheid met haar mee te gaan om de avond zonder gedoe verder bij haar door te brengen. Dit is het laatste moment dat ik contact heb gehad met mijn jongste zoon sinds 4 januari 2021. Voor alle duidelijkheid, dit hield in dat ik niet meer betrokken werd bij de ontwikkeling van de kinderen en/of als ongewenst persoon werd beschouwd bij: sportverenigingen (geen coach meer), feestdagen, vakanties, etc.
Maanden gingen voorbij en het bleek onmogelijk om in gesprek te gaan met de kinderen, het contact bleef verbroken.
Januari 2021
Het Ministerie van Justitie en Veiligheid verstrekt een nieuw Adviesrapport van het
Expertteam Ouderverstoting/Complexe omgangsproblematiek
aan de jeugdzorgketen. Voor deze uitgave zijn al eerder dergelijke rapporten verschenen, dit is de bijgewerkte versie van januari 2021.
Het adviesrapport bevat een aantal zeer duidelijke passages over bijvoorbeeld feitenonderzoek en dreigend contactverlies met een kind. In deze
Popup pagina
heb ik een aantal
belangrijke passages uitgelicht
die op oudervervreemding van toepassing zijn, en de volledige uitgave kunt je downloaden op de website van de Rijksoverheid. Als je mijn verhaal leest zal opvallen dat (in mijn situatie) niets uit dit rapport wordt nageleefd, eerder wordt volledig haaks hierop gewerkt.
Wat ik als "zorgvader" overigens opvallend vind aan dit soort overheidsuitgaven is dat er voornamelijk gepraat en gedacht wordt in een
traditionele rolverdeling na een scheiding
, en dit (daarom) in de jeugdzorgketen ook zo gebleven is. Het lijkt het erop dat de experts en wetenschappers hierin toch nog wat achterlopen.
12 januari 2021
Jeugdconsulent van het CJG Westerkwartier verbonden aan mijn gezin Kyra K. wordt vervangen door jeugdconsulent Bas R.
18 februari 2021
Kennismakingsgesprek met jeugdconsulent Bas R. van het CJG Westerkwartier. Aan het eind van het gesprek sprak de jeugdconsulent deze fameuze woorden:
"Maar je hebt zelf je echtgenote uitgekozen, dat hebben wij niet voor je gedaan."
Verzoeken aan de rechtbank door mijn ex-partner
9 maart 2021
Ex-partner kondigt via advocaat Eva P. een gang naar de rechter aan middels een verzoekschrift.
(op website van advocate Eva Peeters staat vermeld: "Zij zet zich in om in iedere zaak het gewenste resultaat voor haar cliënt te behalen"). En dat zou ook gaan blijken.
23 maart 2021
Ik ontving het verzoekschrift van 30 (!) pagina's pas op 23 maart 2021 terwijl het al op 2 maart 2021 middels een procedure bij de rechtbank was “ingeleid”.
De verzoeken waren voorzien van 26 (!) punten ter onderbouwing. In deze punten wordt toegewerkt naar een bepaald beeld van mij als vader, hieronder genoemd “de man”. Ex-partner wordt genoemd “de vrouw”. De genoemde Mevrouw D. is Praktijkondersteuner, veroordeeld door twee Medisch Tuchtcolleges vanwege haar handelen in 2017 (zie deel2, 2016-2018):
Hieronder staan de meest belastende onderdelen. Deze onderdelen bevatten beeldvorming zoals die al eerder door mijn ex-partner in (medische) documenten werden verspreid. Deze punten zijn alleen door mijn ex-partner verspreid en zijn in de jeugdzorgketen nooit naar voren gekomen. Wel zijn de punten in de jeugdzorgketen overgenomen, maar heeft waarheidsvinding plaatsgevonden. (cursief: citaten uit de verzoeken aan de rechtbank):
1. Ik, vader, zou de kinderen belasten met volwassenproblematiek.
In de verzoeken aan de rechtbank staat hierover onder anderen:
“In september 2017 wordt er op verzoek van de vrouw door mevrouw D een melding gedaan bij het CJG in verband met aanhoudende communicatieproblemen omdat de man zou de kinderen belasten met volwassenproblematiek.”
Met bovenstaande zin wordt de rechtbank misleid. Het ging in 2017 om de verwijzing van een kind bij zich vanaf begin 2017 een ziekte ontwikkelde. In de verzoeken beschrijft ex-partner de ziekte als “problemen”. Mevrouw D is veroordeeld omdat zij alleen op basis van informatie van ex-partner heeft doorverwezen. Daarbij had zij het ouderlijk gezag van mij/vader genegeerd. Als de rechtbank, RvdK en andere betrokken organisaties het feitenmateriaal hadden gelezen, had men naar mijn mening die verzoeken waar dit betrekking op had direct moeten afwijzen.
Naar MENU ^
2. De kinderen willen niet meer bij vader verblijven en ook geen contact meer met hem.
In de verzoeken aan de rechtbank staat hierover onder anderen:
“Recent heeft [oudste zoon], na een confrontatie in januari 2021 met de man, volgens de vrouw nogmaals aangegeven dat hij bij de vrouw wenst te wonen. De man wenst echter geen toestemming te geven aan het verzoek van de vrouw om het hoofdverblijf van [oudste zoon] te wijzigen”
Als de rechtbank, RvdK en andere betrokken organisaties het feitenmateriaal hadden gelezen en eens geïnformeerd hadden bij een school of sportvereniging, had men kunnen weten dat de band tussen vader en kinderen volledig anders, zelfs goed te noemen was. In mei 2021 was het contact met oudste zoon al weer volledig hersteld, door zoon zelf. Als de rechtbank, RvdK en andere betrokken organisaties het feitenmateriaal hadden gelezen, had men naar mijn mening die verzoeken waar dit betrekking op had direct moeten afwijzen.
Naar MENU ^
3. Vader onttrekt zich aan de opvoeding en verlening van zorg. In de
verzoeken aan de rechtbank
staat hierover onder anderen:
“Aangezien de vrouw sinds 2019 de volledige zorg en opvoeding van [oudste zoon] draagt, verzoekt zij uw rechtbank op grond van artikel 1:253a lid 2 sub BW de hoofdverblijfplaats van [oudste zoon] te wijzigen in die zin dat hij voortaan zijn hoofdverblijfplaats bij de vrouw zal hebben.” en “Voor wijziging van het hoofdverblijf van [oudste zoon] is voorts van belang dat de belangrijkste informatie omtrent [oudste zoon] van de man binnenkomt. Zo is er recent een brief van de school van [oudste zoon] binnengekomen op het adres van de man. De vrouw heeft de man verzocht om deze brief naar het adres van de vrouw te zenden. De man gaf hierop aan dat [oudste zoon] de brief moest komen ophalen bij de woning van de man. De vrouw acht dit niet wenselijk. Vanzelfsprekend is het van belang voor de vrouw om dergelijke informatie van de school te ontvangen nu zij thans de verzorgende ouder van [oudste zoon] is en het niet in het belang van [oudste zoon] kan worden geacht dat [oudste zoon] en/of de vrouw enige belangrijke informatie zal mislopen.”
Het was dus de bedoeling van de verzoeken van ex-partner dat beide kinderen bij haar ingeschreven zouden zijn, en zelfs post ophalen bij vader (500 meter fietsen) was niet meer de bedoeling. Als de rechtbank, RvdK en andere betrokken organisaties het feitenmateriaal hadden gelezen, had men kunnen concluderen dat zorg en opvoeding tijdens de gehele opvoeding grotendeels de verantwoordelijkheid van vader waren, en dat dit niet opeens zomaar kan en mag ophouden, zoals dit gebeurde in januari 2021.
Naar MENU ^
4. Vader wil niet meewerken aan hulpverlening.
In de verzoeken aan de rechtbank staat hierover onder anderen:
“Gezien de huidige verhouding van partijen en het feit dat de man niet wenst mee te werken aan hulpverlening is het dan ook moeilijk om het contact tussen de kinderen en de man te herstellen. De vrouw staat op dit moment met haar rug tegen de muur.”
Onafhankelijk feitenmateriaal geeft aan: vrijwel alle hulpverleningstrajecten in mijn gezin zijn door mij in gang gezet en de meeste door gebrek aan medewerking van ex-partner en zonder resultaat beëindigd. Om die reden en vanwege het grotere deel van zorgtaken stonden de kinderen ook altijd bij mijn huisarts ingeschreven. Zelfs eind 2020 werd nog een traject (oktober 2020, zie deel 2) zonder toelichting door ex-partner helemaal afgeblazen. Als de rechtbank, RvdK en andere betrokken organisaties het objectieve feitenmateriaal hadden gelezen, had men naar mijn mening die verzoeken waar dit betrekking op had direct moeten afwijzen. Dan had men tegengekomen waar het Expertteam Ouderverstoting/Complexe omgangsproblematiek op wijst wat
bevorderend voor oudervervreemding
is. Namelijk wat duidelijk naar voren komt in het feitenmateriaal (vanaf 2017 verdraaien en
manipuleren
van informatie door mijn ex-partner).
Al eerder kwam de rechtbank Noord-Holland in 2020 bij deze omstandigheden/verzoeken tot de uitspraak:
“De rechtbank gaat er op basis van al het voorgaande van uit dat zich hier een situatie voordoet als in overweging 4.3. omschreven, waarbij de afwijzing van de vader het gevolg is van ernstige loyaliteitsproblematiek bij de kinderen en niet van voorvallen die tussen de kinderen en hun vader hebben plaatsgevonden. De ontwikkelingsbedreiging als gevolg daarvan is te kwalificeren als emotionele mishandeling.”
Er was zoveel misgegaan, er was zoveel achtergrondinformatie, er was geen enkele onderbouwing voor de
verzoeken aan de rechtbank
. Waarom grepen advocaten, hulpverleners, RvdK en rechtbank niet in? Ik weet het niet, maar ik kwam erachter dat het nog veel erger kon:
Naar MENU ^
25 maart 2021
Klachtenprocedure tegen Elker gestart
Maar was een procedure tegen Elker wel echt nodig? ja, helaas wel. Als ik nog verhaal wilde halen bij Elker,
moest ik binnen de gestelde termijn van een jaar een klachtenprocedure starten
. Anders ging men vrijuit. Dat betekende dat ik nog een paar weken had om dit te doen. De kinderen heb ik hier niet mee belast.
In december 2020 kwam een behandelplan voor [kind] uit de lucht vallen, opgesteld door Elker (jeugdcoach Pieter de H. en leidinggevende Marion S.), CJG Westerkwartier en ex-partner. Dit naar aanleiding van een verwijsbrief van de GGD arts van april van dit 2020. Naar aanleiding van de inhoud van de verwijsbrief en het handelen van Elker is de klachtenprocedure ontstaan.
Klachtpunten waren onder anderen:
- Elker was niet bekend met het dossier van mijn gezin van voor 2020. Men wilde hier ook niet van op de hoogte zijn.
- Hoewel Elker wel geïnformeerd was over de onjuistheden in de aanvraag die in 2017 bij hen binnenkwam (waarover twee medisch tuchtcolleges zich hebben uitgesproken), werd in het behandelplan toch onjuiste informatie uit die aanvraag van 2017 gebruikt.
- De mening en zorgen van mij, vader, werd niet betrokken bij het behandelplan, en tevens waren er maar twee punten van de oorspronkelijke verwijsbrief van de GGD arts overeind gebleven.
- Elker gaf aan dat ik op de hoogte was van (de inhoud) van het behandelplan en ermee akkoord was gegaan. Dat het laatste eigenlijk niet mogelijk was, volgt uit deze
correspondentie tussen mij en de GGD arts
die verantwoordelijk was voor de doorverwijzing.
29 maart 2021
Op deze dag ontving ik een gescand handgeschreven briefje van mijn jongste zoon via een e-mail van mijn ex-partner. Hierin gaf hij aan tot de zomervakantie liefts met rust gelaten wilde worden, en dat we in de zomervakantie maar eens moesten afspreken. Ik besloot, om die reden en adviezen van experts, hem voorlopig niet meer te appen. Alleen stuurde ik hem, vlak voor de zomervakantie, nog een digitale cadeaubon voor zijn verjaardag. Hierop kreeg ik geen reactie.
Naar MENU ^
mei 2021, het begin van nog meer gekte
8 mei 2021
Logeerfeestje bij ex-partner op het hoogtepunt van de Coronacrisis
Ex-partner organiseert een slaapfeestje voor [jongste zoon] met klasgenootjes op het hoogtepunt van de Coronacrisis. Bijna dagelijks ontving ik in deze periode e-mails van de school van [jongste zoon] over de uitval van leerkrachten, regels en instructies om besmettingen te voorkomen. Alleen mijn ex-partner was gevaccineerd omdat zij een vitaal medisch beroep heeft. De kinderen en ik waren nog niet gevaccineerd. Mijn [oudste zoon] was hier erg ongerust en boos over.
Medio mei 2021
Door het logeerfeestje hebben mijn oudste zoon en ik elkaar weer gevonden.
5 mei 2021
Verweerschrift van Elker ontvangen
Het verweerschrift bevatte weinig informatie, maar wel de nodige onwaarheden (
mag een jeugdzorgmedewerker liegen?
).
MAAR ..., wat zat er in de bijlage van het verweerschrift? Een aangepaste versie van de verwijsbrief van de GGD arts van april 2021.
Het bleek toen (net als in 2017) dat er weer was
gerommeld met een doorverwijzing
, die van de GGD arts. Ik werd door
GGD arts
en
ex-partner
niet op de hoogte gesteld van de
aanpassingen in de doorverwijzing
. Later viel op dat
ex-partner in 2020 zelfs nog heeft gevist
om erachter te komen of ik de "definitieve" verwijsbrief wel of niet had gekregen.
19 mei 2021
Zitting klachtenprocedure Elker
Aan het begin van de zitting werd rechter Vijftigschild en Elker op de hoogte van het feit dat de verwijsbrief van de GGD arts buiten mijn weten om was aangepast. En dat juist
de aanpassingen
prominent werden opgenomen in het
nooit toegestuurde behandelplan
dat in december 2020 werd opgesteld door Elker. De nieuwe feiten werden niet geaccepteerd door rechter Vijftigschild en Elker vond de aanpassingen "wel meevallen". De uitkomst van de zitting was dat het tamelijk
nutteloos
is dit soort klachtenprocedures te doorlopen. Vooral omdat het in de jeugdzorgketen toegestaan is gebruik te maken van (onjuiste)
aannames
. Hoewel mijn klachtpunten feitelijk juist waren: al mijn klachtpunten werden naar de prullenbak verwezen. Op 18 december 2025 publiceerde het Dagblad van het Noorden een artikel dat het eindelijk tot de Haagse politiek is doorgedrongen dat deze
klachtenprocedures vaak niet deugen
.
25 mei 2021
Vervolg verzoeken van mijn ex-partner aan de rechtenbank
Mijn reactie op de verzoeken van mijn ex-partner (verweerschrift) wordt door mijn advocaat naar de rechtbank gestuurd.
Helaas had de advocaat zonder overleg belangrijke pagina's uit de bijlagen verwijderd(!), waaronder de zojuist boven water gekomen aangepaste verwijsbrief. Maar de advocaat vond dat deze pagina's te “activistisch” zouden overkomen. De advocaat gaf verder aan dat de gang naar de rechtbank op een “traject complexe scheiding” zou neerkomen en dat daar "alles" aan de orde zou komen. Het begon mij steeds meer duidelijk te worden dat ik in "andere" wereld terecht was gekomen. Een wereld die je alleen in nachtmerries tegenkomt. Want "alles" bleek later bijna hetzelfde als "niets" te zijn.
28 mei 2021
De eerste zitting m.b.t. verzoeken van ex-partner.
Bij de eerste zitting was de (kinder)rechter mevrouw mr. L.E.A. Jonkers:
Voordat het verloop van de zittingen aan de orde komt: het horen van de kinderen door de rechter voorafgaand aan twee zittingen, zou een enorme onrust bij de kinderen veroorzaken.
De drie zittingen werden bijgewoond door raadsmedewerker Elisa S. van de Raad voor de Kinderbescherming die de rechter tijdens en na de zitting van advies zou voorzien. Zij had geen kennis van het dossier van ons gezin, en heeft niet geïnformeerd of ons gezin ooit in aanraking was gekomen met de RvdK. Dat laatste was namelijk wel het geval enkele maanden eerder toen het CJG Westerkwartier een zogenaamde "Jeugdbeschermingstafel" bij de RvdK had aangevraagd.
Opvallend was de emotie en felheid bij mijn ex-partner. Ik had gelezen in het feitenmateriaal gelezen dit wel vaker voor was voorgekomen in gesprekken tussen haar en medewerkers in de jeugdzorgketen. Maar tijdens ons huwelijk en in mijn bijzijn kende ik deze emoties niet. Ook was opvallend was, toen ik mijn verbazing bij de rechter aangaf over de beeldvorming over mij (de punten 1 t/m 4 hierboven). De rechter ging mij hierna toch even terechtwijzen door twee punten te noemen die zij van de kinderen had vernomen in de gesprekken die zij had met de kinderen, vlak voor de zitting:
- Tijdens een moeilijk telefoongesprek tussen vader en moeder, stond moeder naast [jongste zoon]. Het gesprek had [jongste zoon] aangegrepen.
- [Jongste zoon] had veel moeite met de aanvaringen tussen oudere broer en Vader.
Bovenstaande punten waren niets bijzonders, eigenlijk normaal bij (pre) pubers. Verder wist ik niet van de "positie" van ex-partner tijdens het telefoongesprek. Er kwamen in die gesprekken dus geen zaken naar voren die de punten 1 t/m 4 onderschrijven.
Daarbij heb ik nog gegevens opgevraagd uit de leerling volgsystemen van de scholen van onze kinderen. Immers, ik had vanaf 2017 nogal wat op mijn kerfstok wat via het dossier van mijn huisarts door mijn ex-partner in het jeugdzorgcircuit was gaan circuleren. Nog veel meer dan de vier belastende onderdelen die hierboven zijn beschreven. Ik zou de ziekte van mijn jongste zoon in 2017 hebben veroorzaakt, een vechtscheiding in gang hebben gezet, etc. Al met al, als er zoveel onrust was, zou dat in de leerling volgsystemen naar voren moeten komen. Van beide scholen kreeg ik te horen dat geen bijzonderheden in het systeem te zien waren.
Al met al liep ik met een redelijk optimistisch gevoel de rechtbank uit en wachtte ik het verdere verloop af. Vooral bij bij de raadsmedewerker Elisa S. bleek een aanname van "waar rook is, is vuur" te zijn ontstaan. Mijn optimisme zou later dit jaar snel omslaan in ongeloof en machteloosheid.
Naar MENU ^
9 juni 2021
De rechtbank verstrekt een beschikking (oordeel van raadsmedewerker Elisa S. en de rechter)
In grote lijnen heeft de rechter op twee punten beslist:
1. Er zullen binnen een maand, in het bijzijn van een professional, gesprekken plaatsvinden tussen de kinderen en mij om het contact te herstellen. Tijdens de zitting was overeengekomen wie de genoemde professional benaderen.
2. De verzoeken van ex-partner worden niet ingewilligd, er wordt een traject complexe scheiding ingezet. Dit werd door alle partijen overeengekomen tijdens de zitting.
Ik had gehoopt en gevraagd of er raadsonderzoek kon plaatsvinden, zodat de achterliggende problematiek duidelijker in beeld zou komen en waarom eerdere trajecten zonder resultaat werden afgesloten. De kans was groot dat zonder een duidelijker beeld, het traject complexe scheiding ook voortijdig zou worden gestopt. De raadsmedewerker en rechtbank vonden de aanname dat er veel onrust en ruzies waren (wat tot 2021 niet het geval was) voldoende om te besluiten, zonder enig onderzoek, nog eens een communicatie verbeteringstraject te laten doorlopen.
Het gesprek met de kinderen, in het bijzijn van een professional (van Training- en adviesbureau Kuipers en Houtman, hierna: Bureau Kuipers & Houtman), is er nooit gekomen. Lees hieronder waarom.
In de beschikking werden geen oordelen geveld. Hoewel er geen enkele aanwijzing is en was voor grote onrust in mijn gezin tot de gang naar de rechtbank, bleef dit wel kleven en werden de vier
belastende onderdelen
in de verzoeken onbeoordeeld doorgestuurd naar een team complexe scheiding van Inter-Psy (de belastende onderdelen met toelichting kunt je hierboven lezen). Inmiddels is Inter-Psy gestopt met deze trajecten, al tijdens het traject wat ik daar heb doorlopen.
Samengevat: de Raadsmedewerker van de RvdK en rechter hebben op heen enkele manier onderzocht wat de onrust in mijn gezin veroorzaakte, en ook niet wat het waarheidsgehalte was van alle beschuldigingen die aan mij waren gericht. Verdere stappen zijn doorgeschoven naar andere organisaties zonder te wijzen op het bestaande feitenmateriaal.
Medio juni 2021
Voor het gesprek met de kinderen onder begeleiding van een professional ontving ik een uitnodigingen voor een gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman (inmiddels feestelijk overgenomen door Zorg Holding Liganta) dat werd ingeschakeld door het CJG Westerkwartier om een gesprek te begeleiden om tot contactherstel met de kinderen te komen. Volgens de beschikking had rond deze afspraakdatum het gesprek met de kinderen moeten plaatsvinden, want met contactherstel moet niet al te lang worden gewacht zoals alle deskundigen weten. Ik besloot geduld op te brengen om in een goede sfeer te gaan samenwerken. Het eerste gesprek zou gaan plaatsvinden op 21 juni 2021.
Eind juni 2021
Ik ging met oudste zoon op vakantie. Het was leuk en gezellig. Maar toch bleef het enigszins "op eieren lopen". De onrust van de gang naar de rechtbank hing in de lucht. In de jeugdzorgketen is er tot nu toe niemand geweest die heeft willen helpen de impasse te doorbreken.
21 juni 2021
Eerste gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman.
Bureau Kuipers & Houtman had geen inzage in het dossier over mijn gezin zoals dat bij een doorverwijzing in de jeugdzorgketen wel kan voorkomen. Men had alleen een beperkte mondelinge opdracht en de beschikking van de rechtbank ontvangen. Het is logisch dat men wel iets over onze gezinssituatie wil weten, maar mijn eerste gesprek, zoals het zou gaan worden, gaf me meer het gevoel dat men met een vader in gesprek moest die een kruising is tussen een misdadiger en kindermishandelaar. Het stond niet in verhouding tot de opdracht en wat in de beschikking stond. Mede-directrice Mirjam van der Spek die het eerste gesprek met mij voerde en de eerste van vier medewerkers van Bureau Kuipers & Houtman waarmee ik te maken kreeg, had het beschikbare materiaal (opdracht en beschikking) niet gelezen.
Toch liet ik mijn verbazing en ongeloof over de gang van zaken voor me, om snel tot een gesprek met de kinderen te komen. Het gesprek verliep verder netjes en zonder problemen. Ik moest nog wel het nodige papierwerk tekenen om toestemming te verlenen voor de werkzaamheden en verwerking van informatie over mij en de kinderen, maar met de melding dat ik die toestemming op elk moment weer kon intrekken.
Na dit eerste "verhoor" werd een tweede gesprek met mij ingepland op 1 juli 2021. Na het gesprek was ik enigszins in de war want ik stelde vast dat een gesprek met de kinderen niet binnen vier weken, maar pas na twee maanden of later zou plaatsvinden. Hoe vaak, of hoe en wat er met de kinderen werd besproken, werd mij niet verteld, vanwege privacy redenen.
juli 2021, het begin van de volledige gekte
1 juli 2021
Tweede gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman.
Dit gesprek met medewerker Judith G. verliep niet veel anders dan het eerste gesprek. Nog meer kreeg ik de indruk dat men geen goed einddoel voor hun opdracht in beeld had. Men had zich nog steeds niet verdiept in de informatie die beschikbaar was, zoals de gestelde termijn voor het gesprek met de kinderen. Men ging verder met vragen stellen over wat mijn mening was over wat er in de laatste jaren was gebeurd. Het begon meer en meer op een onderzoek te lijken. Mijn constructieve opstelling werd nu wel minder.
Ik vernam ook dat er al gesprekken met de kinderen hadden plaatsgevonden en dat het nog wel twee maanden kon duren voordat een gesprek met mij en kinderen zou plaatsvinden. Dat was niet de bedoeling volgens de opdracht en de beschikking van de rechtbank. Het was ook vreemd dat er bij Bureau Kuipers & Houtman een beeld van de situatie in mijn gezin was ontstaan, terwijl men niet de beschikking had over een dossier van mijn gezin. Bovendien waren de twee medewerkers die ik tot dit moment had gesproken ook niet bevoegd om een dergelijk dossier te lezen. Ik besloot daarom de beschikking van de rechtbank en nog een paar feitendocumenten aan de orde te brengen om nogmaals te wijzen op de termijn voor het gesprek met de kinderen en wat de procedures die overheid voorschrijft bij contactverlies met kinderen, in het kort:
direct handelen
. Als je dit leest is het helaas nog steeds aan de orde dat er vanaf januari 2021 geen enkel contact meer is tussen mij en mijn jongste zoon. Ik weet niet eens hoe hij er nu uit ziet en wat hij doet.
Na afloop van het gesprek besloot ik te gaan informeren bij de opdrachtgever (Bas R. van het CJG Westerkwartier) en nam ik contact op met mijn advocaat.
Er werd zelfs nog een derde gesprek met alleen mij ingepland voor 12 augustus. Immers, ook bij Kuipers & Houtman gaat men op vakantie. Het begon nu echt te voelen alsof ik in een hele slechte film aan het terechtkomen was.
5 juli 2021
Een e-mail van mij aan directrice van Bureau Kuipers & Houtman Bianca K.
(inmddels is Bureau Kuipers & Houtman overgenomen door Zorg Holding Liganta. Directrices Kuipers en van der Spek zijn daarna gestopt met het werken met kinderen. Helaas is mevrouw Kuipers toch weer begonnen te werken in de sector van kinderen en scheidingen, en met twee heuse dot.com domeinen: www.alleensamen.com en www.zorgzaamscheiden.com)
Ik schreef een e-mail aan de directrice van Bureau Kuipers & Houtman o.a. om te vragen over de vertragingen en het verdere verloop. Dezelfde dag nog ontving ik haar reactie. Belangrijkste wat zij schreef was dat zij aangaf
"gaan wij alleen over datgene wat aan ons als hulpvraag is gesteld".
En daar stond kennelijk geen termijn in. Zij ontweek verder antwoord te geven op de termijn van vier weken waarover ik haar informeerde in mijn e-mail.
Omdat geen termijn gehanteerd werd, reageerde ik per e-mail terug met de vraag of zij mij de tekst van de opdracht van het CJG zou kunnen toesturen omdat de betreffende medewerker aldaar op vakantie was. Ook vroeg ik of zij me kopieën wilde verstrekken van de papieren die ik op 21 juni tijdens het eerste gesprek had getekend. Over de opdracht verwees Bianca K. mij door naar het CJG, en de kopieën werden na enige tijd toegestuurd. De opdracht voor het begeleiden van het gesprek met de kinderen werd volgens Bianca K. telefonisch verstrekt en was niet beschreven, zou later blijken.
Naar MENU ^
6 juli 2021
Via mijn advocaat wordt via de advocaat van mijn ex-partner overlegd gezocht omdat het geplande gesprek met de kinderen dat binnen vier weken zou plaatsvinden steeds meer vertraging oploopt. Er wordt mijn advocaat een voorstel gedaan om het contactherstel te versnellen:
"cliënt ziet graag dat ook met [jongste zoon] op de kortst mogelijk termijn een gesprek plaatsvindt zodat het contact ook met [jongste zoon] kan worden hersteld. cliënt stelt voor dat hij met [jongste zoon] in gesprek gaat en dat partijen samen afspreken wat wel en niet besproken wordt en dat uw cliënte het gesprek met [jongste zoon] voorbereid."
15 juli 2021
De advocaat van mijn ex-partner Eva P. reageert op de e-mail van 6 juli 2021. Opvallend is dat het niet meer om het begeleiden van een gesprek gaat, maar "het traject". Ook zou door Bureau Kuipers & Houtman de het contactherstel tussen de kinderen en mij tot stand moeten komen. Hoewel elke inmenging met het traject bij Kuipers & Houtman werd ontkend, advocate Eva P. en mijn ex-partner bleken tot in detail geïnformeerd te zijn over het eerdere en toekomstige verloop bij "het Traject" bij Kuipers & Houtman. Er werd niet ingegaan op het voorstel van 6 juli om in samenwerking een gesprek te organiseren. Ook beweert advocate Eva P. dat ik tegen de afspraken in geen post voor mijn oudste zoon doorstuurde naar mijn ex-partner. In tegenstelling: de rechtbank had de inschrijving van mijn oudste zoon op mijn adres juist gehandhaafd. Dit geeft aan hoe sommige advocaten op de meest smerige manieren meewerken aan oudervervreemding.
Enkele fragmenten uit de e-mail van advocate Eva P.:
".....
Het traject bij Kuipers & Houtman is inmiddels gestart. Bij de aanvang van het traject is aan cliënte medegedeeld dat eerst individuele gesprekken gevoerd worden met de kinderen apart, daarna met de kinderen samen, en pas daarna met de kinderen en uw cliënt. [jongste zoon] heeft op 29 juni jl. een eerste gesprek gehad en [oudste zoon] op 8 juli jl. De volgende individuele gesprekken staan gepland voor 10 augustus a.s. en 17 augustus a.s. De afgelopen tijd zijn er dus wel degelijk stappen gemaakt. .....
Cliënte volgt het advies en de gekozen route van Bureau Kuipers & Houtman. In de beschikking van de rechtbank is immers opgenomen dat een gesprek tussen uw cliënt en [jongste zoon] onder begeleiding van een professionele derde zal plaatsvinden. Dat is in dit geval Kuipers & Houtman. Op die manier kan het contact op een verantwoorde wijze worden hersteld / opgebouwd. Cliënte gaat dan ook niet akkoord met het voorstel van uw cliënt.
.....
Cliënte gaf voorts nog bij mij aan dat diverse poststukken voor [Oudste zoon] niet door uw cliënt worden doorgezonden. Dit terwijl hier tijdens de zitting en op de gang duidelijke afspraken over zijn gemaakt. Ik wil uw cliënt derhalve nogmaals verzoeken om poststukken voor [Oudste zoon] per omgaande door te zenden naar cliënte. [Oudste zoon] kan de post dan daar openen."
Het voorstel van 6 juli 2021 om samen met mij een gesprek met [jongste zoon] te organiseren werd door mijn ex-partner afgewezen. Tijdens de tweede zitting op 6 oktober 2021 geeft mijn ex-partner tegenover de raadsmedewerker Elisa S. en de rechter aan dat zij blij was met het Traject bij Kuipers & Houtman, maar verder niet wist wat daar gebeurde (aldus het proces verbaal).
20 juli 2021
Door een expert op het gebied van oudervervreemding werd ik geadviseerd me niet op te dringen bij de kinderen, en in het bijzonder niet bij mijn jongste zoon waarmee ik vanaf 4 januari van 2021 geen contact meer heb gehad. Hem heb hem daarom maar een paar keer een kort Appje gestuurd om te vragen of we een keer in gesprek konden gaan. Op 29 maart 2021 ontving ik nog een gescand handgeschreven briefje van hem via een e-mail van mijn ex-partner. Hierin gaf hij aan tot de zomervakantie liefst met rust gelaten wilde worden, en dat we in de zomervakantie maar eens moesten afspreken. Maar ik nooit meer iets van hem vernemen.
Tot in juli 2021 wist ik niet wat er in mijn jongste zoon omging. Dat hij (kennelijk) ook in de zomervakantie het contact vermeed. maakte mij ongerust en verdrietig. Maar aan het uitblijven van nieuws werd door de directrice van Bureau Kuipers & Houtman Bianca K. met een brute e-mail een einde gemaakt. Op 20 juli ontving ik van haar een e-mail met de volgende melding:
"Rondom uw zoon [xxx] is ons bekend dat hij geen omgang wil. Dat is in het eerste gesprek naar voren gekomen. Met hem staat, evenals voor u en voor [yyy], een nieuwe afspraak gepland [in augustus]."
Nogmaals over dit bureau: zij kregen een opdracht een gesprek te begeleiden, dit gesprek in goede banen te leiden, en meer niet. Daarom kreeg dit bureau geen dossier, en bovendien heb ik geen medewerkers van het bureau gesproken die bevoegd was een bestaand dossier tot zich te nemen. Maar nu wist ik hoe het er voorstond, via directrice Bianca K.!
Wat inmiddels ook wel duidelijk werd: de kinderen waren zat van alle onrust die de gang naar de rechtbank en die gesprekken bij Kuipers & Houtman had veroorzaakt. Ze wilden rust en een normaal leven, zoals de vrienden om hen heen. Ik kon ze daar geen ongelijk in geven. Maar helaas leefde het idee bij de meeste betrokkenen en bij de kinderen dat ik, vader, al deze onrust had veroorzaakt.
Naar MENU ^
6 augustus 2021
Op 23 juli 2021 is er bij advocate Eva P. en ex-partner nogmaals gewezen op de termijn van vier weken voor een gesprek met de kinderen, wat neerkwam op begin juli. Ook is gecommuniceerd:
"Voor wat betreft [jongste zoon] geldt dat cliënt van Kuipers & Houtman pas deze week een email heeft ontvangen waarin staat dat [jongste zoon] naast contact ook geen gesprek wil. Waarom [jongste zoon] dat niet wil weet cliënt niet. Wat cliënt bevreemd is dat er blijkbaar bij [jongste zoon] zo'n grote blokkade zit dat hij nu geen contact (meer) wil, maar dat niemand cliënt kan/wil uitleggen waarom die plotselinge blokkade is ontstaan. Cliënt tast ook bij [jongste zoon] volledig in het duister. Bij [oudste zoon] is er geen blokkade meer terwijl de wijze van omgang van cliënt met beide kinderen altijd hetzelfde is geweest, zo ook op 4 januari 2021. Cliënt gaat ervan uit dat uw cliënte met [jongste zoon] praat en weet waarom [jongste zoon] voor nu eerst geen gesprek wenst. Cliënt hoort graag de reden."
Als reactie gaven advocate Eva Peeters en ex-partner op 6 augustus 2021 nogmaals aan dat het begeleiden van een gesprek was omgezet in een traject contactherstel onder begeleiding van Kuipers & Houtman. De reactie was:
"Cliënte heeft geen invloed op het traject van Bureau Kuipers & Houtman en het tempo waarop dit traject wordt doorlopen. Cliënte blijft bij haar standpunt dat het contactherstel onder professionele begeleiding, in dit geval Kuipers & Houtman, dient te verlopen."
maar dat was niet de bedoeling van de beschikking van de rechtbank ....
Samengevat: meer onrust en nog eens meer onrust. En meer afstand, en nog meer gekte:
Naar MENU ^
10 augustus 2021
De betrokken jeugdconsulent van het CJG Westerkwartier reageert op de perikelen bij Bureau Kuipers & Houtman De jeugdconsulent (verstrekker van de opdracht aan Kuipers & Houtman) van het CJG Westerkwartier stuurt mij een
bericht met een toelichting
over het gebeuren bij Bureau Kuipers & Houtman: de opdracht betrof een gezinsaangelegenheid en het was niet de bedoeling dat men (meerdere) individuele gesprekken met de kinderen ging voeren.
Wat bijzonder zwak is in het verhaal van CJG jeugdconsulent Bas R.is dat hij pas kon bepalen of de opdracht wel of goed was uitgevoerd, wanneer hij een verslag had ontvangen. Met andere woorden, wanneer het "traject" al zou zijn afgerond. Achteraf zal ook jeugdconsulent Bas R. moeten constateren dat "achteraf" toch te laat was. Maar wel geniaal om je zo uit de nesten te werken.
12 augustus 2021
Mijn derde gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman (zie hier info over het eerste gesprek en tweede gesprek)
Het derde gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman begon met medewerkster Jeanice R.. Zij zou het beoogde gesprek tussen mij en de kinderen gaan begeleiden.
Vanwege alle chaos in de communicatie tussen allerlei partijen had ik op deze dag ter plekke besloten het gesprek met mijn mobiele telefoon op te nemen.
Door het onjuiste verloop van het "traject" bij Bureau Kuipers & Houtman kwam het derde gesprek niet op gang. Al snel meldde zich daarom directrice Bianca K. zich bij het gesprek om mij eens goed de waarheid te vertellen. Het hele gesprek ging over het verloop, en nergens anders over (in tegenstelling tot wat in het latere verslag werd vermeld, en blijkt uit de audio opname). Lees hier een groot deel van de
transcriptie
:
Transcriptie
(grotendeels) van mijn derde gesprek bij Bureau Kuipers & Houtman: (leestip!)
Tijdens het gesprek kwam ook aan de orde dat er schriftelijke verklaringen van mijn beide kinderen aan Bureau Kuipers & Houtman waren verstrekt. Directrice Bianca K. stond niet toe dat ik deze verklaringen te lezen kreeg. Deze zouden worden opgenomen in een verslag dat eerst aan de Raad voor de Kinderbescherming en rechtbank zou worden verstrekt. Op dit gegeven reageerde ik dat ik de verklaringen van de kinderen zelf van hen wilde vernemen en niet via de Raad voor de Kinderbescherming en de rechtbank.
Vanwege de gang van zaken besloot ik tijdens het derde gesprek mijn toestemming voor de begeleiding van Bureau Kuipers & Houtman in te trekken. Dit met de mededeling dat het niet meer toegestaan was persoonlijke informatie opgedaan in het "traject" over de kinderen en mij op te nemen in een verslag voor Raad voor de Kinderbescherming en rechtbank. Dat viel niet goed bij directrice Bianca K. want zij vreesde voor haar declaratie bij het CJG van de gemeente Westerkwartier.
Dezelfde dag, 12 augustus 2021, heb ik schriftelijk gemeld aan alle betrokken partijen dat ik mijn toestemming voor het verwerken van informatie over de kinderen door Kuipers & Houtman had ingetrokken. Maar niemand trok zich daar en van
mijn ouderlijk gezag
iets aan.
Directrice Bianca K. van Bureau Kuipers & Houtman gaf aan alleen informatie over het verloop van het Traject aan CJG, Raad voor de Kinderbescherming en rechtbank te sturen. Dit om werkzaamheden te kunnen verantwoorden. Er werd ook een verlag opgesteld gedateerd met "Augustus 2021". De informatie in dit verslag (door Raadsmedewerker Elisa S. genoemd: de geschreven stukken) bleek toch anders te zijn dan directrice Bianca K. had aangegeven. Dit bleek uit de reactie van de betrokken Raadsmedewerker Elisa S. van de RvdK van 25 augustus 2021. Zij had het verslag kennelijk al op die datum via Bas R. van het CJG Westerkwartier verkregen. Op 29 september 2021, ruim twee maanden later, werd het verslag door advocate Eva P. van ex-partner aan de rechtbank gestuurd. Ook zij hadden het verslag kennelijk al van Bas R. van het CJG Westerkwartier gekregen. Pas op 30 september 2021 kreeg ik het verslag toegestuurd. Dat is dus nog na onderstaande correspondentie met ex-partner en advocate en met Elisa S. van de RvdK. Raadsmedewerker Elisa S. zou het verslag van Kuipers & Houtman "de geschreven stukken" gaan noemen, terwijl ze nooit enig echt/onafhankelijk feitendocument had en zou lezen.
Elisa S. wist wat er (inhoudelijk) speelde vlak na de eerste zitting, en zij had er een duidelijke mening over: het contactverlies was juist en een startgesprek, zoals bepaald door de rechter, was niet meer nodig. Dat vond ik gek. En nog gekker vond ik het toen ik vernam dat mijn ex-partner en Elisa S. studeerden bij dezelfde academische instelling en daar, ook nu nog, beiden een hoge functie hebben. En hoe kan het dat Elisa S., onderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen, een duidelijke mening heeft, deze in de praktijk gebruikt, maar zonder enig onderzoek te hebben gedaan? Dat is gek voor een onderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen (lees door, want later zal aan de orde komen dat haar mening en advies aan de rechtbank gebaseerd was op mijn (strijdbare) houding in de rechtbank, en omdat mijn houding ook zo in een rapport van een gerenomeerde instelling zou staan, namelijk Inter-Psy. Maar debetreffende medewerkers daar hebben ook nooit enig onderzoek gedaan, dat vonden ze niet nodig).
23 augustus 2021
Brief met verzoek aan de Raadsmedewerker de raadsmedewerker mevrouw Elisa S. die de Raad voor de Kinderbescherming de eerste zitting over de verzoeken van mijn ex-partner heeft bijgewoond en de rechtbank heeft geadviseerd. In de brief leg ik uit wat er m.b.t. het geplande gesprek met de kinderen bij CJG en Bureau Kuipers & Houtman heeft plaatsgevonden. Ook stuur ik haar het handgeschreven briefje van 29 maart 2021 wat ik van [jongste zoon] ontving. In dit briefje komt naar voren dat er nog niet sprake is van definitief contactverlies. Ik rond mijn e-mail af met onderstaande alinea wat ook de samenvatting van mijn vraag c.q. verzoek aan de Raadsmedewerker RvdK was:
"Op het moment is het contact met [oudste zoon] beperkt, en met [jongste zoon] is er geen contact. Dit wordt na acht maanden nog steeds in stand gehouden op basis van de inhoud van het gesprek met de rechter voorafgaand aan de zitting op 28-5-2021 waarvan ik de inhoud/lading niet ken. Ik ben altijd een goede vader geweest en mijn kinderen hebben recht op een vader. Daarbij heb ik recht op een leven met mijn kinderen. Ik denk dat ik na acht maanden recht heb te weten wat er [jongste zoon] omgaat en de mogelijkheid om, wat kennelijk tegen mij speelt, te kunnen tegenspreken. De praktijk is dat ik als vader op afstand wordt gehouden.
Ik denk dat het in belang van mijn kinderen en mij is, dat er op korte termijn duidelijkheid komt en problemen besproken kunnen worden. Mijn verzoek aan u is het advies van de beschikking te herzien richting op korte termijn een gesprek tussen ouders en [jongste zoon] zoals dat oorspronkelijk zou plaatsvinden. Maar ik sta ook open voor een andere oplossing die op korte termijn mogelijk is.
Bij voorbaat dank voor uw reactie, met vriendelijke groet, ...."
direct door naar de reactie van de Raadsmedewerker »
24 augustus 2021
Omdat de opdracht aan Kuipers & Houtman op een dood spoor lijkt te komen wordt op 13 augustus 2021 via de advocate Eva P. het voorstel aan ex-partner gedaan op een alternatieve manier tot een gesprek met de kinderen te komen. In dit voorstel schrijft mijn advocaat:
"De Raad heeft een informeel, maar wel onder begeleiding van een professionele derde, gesprek bedoeld geen eigen traject met verslagen etc."
Op 24 augustus reageert advocate Eva P. dat het voorstel wordt afgewezen en ex-partner niet actief wil meewerken aan een gesprek tussen kinderen en vader, maar van haar mag het. Verder schrijft advocate Eva P.:
"[jongste zoon] wil op dit moment geen contact en geen gesprek met uw cliënt. Kuipers & Houtman gaat het Traject afsluiten."
"Het Traject" zou dus, zonder kennisgeving van Kuipers & Houtman aan mij, worden afgesloten.
25 augustus 2021
Reactie op mijn brief van 23 augutus 2021 aan Raadsmedewerker Elisa S., twee dagen eerder. Zij nam telefonisch contact met mij op.
De boodschap van Raadsmedewerker Elisa S. was dat zij vond dat [jongste zoon] inmiddels "zijn plek had gevonden", en daar (bij zijn moeder, en volledig zonder zijn vader) in rust zijn leven voortzet. Ik moest me daar maar bij neerleggen.
Haar eigen organisatie (Raad voor de Kinderbescherming) was eerder in 2021 zeer duidelijk en afwijzend over deze gedachtegang in een
eigen RvdK uitgave
. In deze uitgave schijft de RvdK in het bijzonder stellig anders over die plek, deze
"zogenaamde rust"
. Zoals eerder gezegd: het is kenmerkend voor de jeugdzorgketen (dus niet alleen Raadsmedewerker Elisa S.) dat men zich niet aan eigen voorschriften houdt, en zelfs een haaks hierop handelt.
Over het eigen verslag van Raadsmedewerker Elisa S. over het telefoongesprek van 25 augustus 2021 (hieronder staat een link naar het volledige verslag):
In het
verslag van het telefoongesprek
is een zeer warrige uiteenzetting te lezen die haaks staat op alles wat haar eigen organisatie (de RvdK) aanbeveelt en voorschrijft. Maar ook
adviezen van experts
keurt Elisa S. kennelijk af. Bijvoorbeeld over
(dreigend) contactverlies en de factor tijd
(6.5, laatste alinea van de popup) die daarbij een rol speelt. Ook over de
"zogenaamde rust"
heeft zij een eigen gedachtegang, en
negeren van ouderlijk gezag
. Het werken met
aannames
in plaats van
feitenonderzoek doen
past in haar manier van werken.
Raadsmedewerker Elisa S. wist niets van mijn rol in mijn gezin en in welke mate er onrust was en waardoor. Daarover had zij kennelijk al een aanname.
Het is voor mij onbegrijpelijk dat een individu als mevrouw Elisa S. haar eigen gang kan (blijven) gaan m.b.t. de ontwikkeling van kinderen binnen een organisatie als de Raad voor de Kinderbescherming. Maar zoals eerder gezegd, dit kan ook liggen aan band tussen haar en mijn ex-partner (zelfde studie-insteling en zelfde huidige werkgever).
Lees hier het
volledige verslag
van Elisa S.
, of lees hieronder de meest opmerkelijke passages uit haar verslag van het gesprek dat ik met Elisa S. had, voorzien een toelichting van mij:
  • Raadsmedewerker Elisa S. noteert:
  • "er is geen onderzoeksopdracht vanuit de rechtbank".
Die opmerking klopt, en ik heb na enige tijd de betrokken organisaties gewezen op "het Traject" van Bureau Kuipers & Houtman. Niemand deed iets, en het gesprek met de kinderen kwam niet van de grond. Mijn ex-partner juichte het genoemde "het Traject" toe, en ging er zich daarom niet mee "bemoeien" werd richting mij gecommuniceerd.
  • Raadsmedewerker Elisa S. noteert dat ze adviseert aan mij om:
  • "zelf wel rapportage van de gesprekken van Kuipers & Houtman met [jongste zoon] op te vragen en te lezen.".
Als mevrouw Elisa S. echt kennis van zaken had, zou zij weten dat ik inhoudelijke rapportage over de gesprekken tussen Bureau Kuipers & Houtman en de kinderen niet te lezen zou krijgen. Wat zij met haar opmerking ook bedoelde is dat ik de rapportage van kindgesprekken en de briefjes gestuurd aan Bureau Kuipers & Houtman moest gaan lezen (een briefje aan Kuipers & Houtman schrijven was voor de kinderen verplicht als ze verder niet wilde meewerken aan het Traject van Bureau Kuipers & Houtman). Meer hierover bij de onderstaande notitie van Elisa S..
Ik heb Elisa S. in ons gesprek uitgelegd dat ik graag zelf van de kinderen wilde horen wat er aan de hand was, zoals dat vanaf hun geboorte tot 8 maanden voor ons gesprek gebruikelijk was. Maar Elisa S. hechtte kennelijk veel waarde aan het Traject bij Kuipers & Houtman, bleef bij haar standpunt en mijn jongste zoon zijn plek al had gevonden. Het contactverlies (ofwel hier vadervervreemding) was op dit moment al door Elisa S. goed bevonden en in haar latere adviezen aan de rechtbank opgenomen (tweede zitting oktober 2021 en eindzitting oktober 2022).
  • Raadsmedewerker Elisa S. noteert verder:
  • "Zolang vader de geschreven stukken niet leest, blijft hij geen idee houden wat er in [jongste zoon] omgaat - voor zover [jongste zoon] dat zelf kan uiten en duiden".
Maar wat bedoeld Raadsmedewerker Elisa S. met "de geschreven stukken"? Zij bedoeld daarmee de rapportage
het verslag van Kuipers & Houtman
.
Tip van de schrijver: lees als aanloop naar dit verslag nog eens over mijn eerste, tweede en derde gesprek bij Kuipers & Houtman, maar vooral ook de
transcriptie
van het derde gesprek. Als je dit gelezen hebt, lees dan
het verslag van Kuipers & Houtman
en de analyse daarbij.
Wat moet ik nog meer zeggen. Wat doet iemand als Elisa S. bij een overheidsorganisatie die kinderen moet beschermen. Elisa S. heeft in mijn zaak nooit enig feitenonderzoek gedaan, weet niets van de situatie in mijn gezin, maar geeft ondertussen aan dat ik, vader, de geschreven stukken niet heb gelezen. Het is de wereld op zijn kop, zeker voor iemand die onderzoeker is aan de Rijksuniversiteit Groningen....
Raadsmedewerker Elisa S. was er ook van op de hoogte dat ik op 12 augustus 2021 mijn toestemming voor een verslag van Bureau Kuipers & Houtman had ingetrokken. Zij heeft zich daar
niets van aangetrokken
, net als de rechtbank, CJG Westerkwartier en andere betrokkenen.
Wat zorgelijk is na bovenstaande te hebben gelezen: Mevrouw Elisa S. was niet alleen Raadsmedewerker in een zaak met mijn gezin. Zij is ook betrokken bij vele andere zaken en gezinnen.
Wat nog zorgelijker is: Mevrouw Elisa S. is ook docente aan de Hanzehogeschool Groningen. Zij geeft haar visie en werkwijze door aan studenten.
Naar MENU ^
27 augustus 2021
Mijn advocaat verzoekt de rechtbank Noord Nederland zo spoedig als mogelijk een zitting in te plannen omdat het gesprek tussen de kinderen en mij niet van de grond was gekomen.
7 september 2021
De rechtbank Noord Nederland geeft aan dat op 6 oktober een mondelinge behandeling is gepland vanwege het feit dat het gesprek tussen de kinderen en mij niet van de grond was gekomen.
Medio september 2021
Bureau Kuipers & Houtman verspreid een
verslag
over het traject wat men daar was gestart naar aanleiding van de beschikking van de rechtbank begin juni 2021. Voor dit verslag was geen toestemming verleend en de inhoud van het verslag werd tot publicatie geheim gehouden. "Het traject" was daarmee afgerond, zonder mij daarvan op de hoogte te stellen.
Familie wordt door ex-partner als partij bij de problemen betrokken
Enige tijd na het het verschijnen van het verslag van Bureau Kuipers & Houtman werden de kinderen en ex-partner uitgenodigd om mee te gaan op een vaartocht met het nieuwe jacht van mijn familie. Vanaf dit moment kreeg ik bij een groot aantal berichten van mijn familie felle kritiek, gelijk aan de vier punten in de verzoeken van mijn ex-partner aan de rechtbank. Naar verloop van tijd kwamen er nog twee nieuwe punten bij die ik moest vernemen van mijn familie:
5. Vader is tijdens de opvoeding onnodig en veel van huis geweest.
6. Vader moet ophouden met juridische trajecten te starten tegen zijn ex-partner.
Al eerder ontbrak elke steun vanuit mijn familie voor mij en zodoende was het moment dat ik besloot het contact met mijn familie te minderen: want tijdens 15 jaar opvoeding zijn de kinderen thuis niet meer dan 10 nachten zonder mij geweest en ik heb nooit en geen enkele juridische procedure gestart tegen mijn ex-partner. Dat zijn de feiten.
29 september 2021
Advocate van mijn ex-partner Eva P. stuurt (zonder daar toestemming voor te hebben) het
het verslag van Kuipers & Houtman
naar de Raad voor de Kinderbescherming, rechtbank en advocaat van mijn ex-partner Eva P. (dat was handig, het verslag met zeer persoonlijke details was nu voor alle betrokkenen te lezen. En de verantwoordelijkheid voor het verspreiden van het verslag lag nu bij advocate Eva P., en niet meer bij CJG en RvdK).
Het verslag bevatte ook de verklaringen van de kinderen. Daar stonden geen negatieve opmerkingen over mij in, maar deze verklaringen hadden niet mogen worden verspreid. Hoewel mijn advocaat er bij mij op aandrong dat ik de verklaringen van de kinderen ging lezen, deed ik dat niet. Ik vond het niet kunnen dat ik via via iets van mij kinderen moest vernemen terwijl dat een 10 maanden eerder ondenkbaar zou zijn. Wat ook vreemd was, is dat Bureau Kuipers & Houtman in het verslag schreef dat ik twee gesprekken had gehad terwijl er drie hadden plaatsgevonden.
Pas veel later begreep ik waarom mijn advocaat aandrong dat ik de verklaringen zou moeten lezen. De verklaring wan mijn jongste zoon was met tekstverwerker opgesteld en bestond uit (volwassen) taalgebruik wat zeer afweek het handgeschreven briefje van een paar maanden eerder wat mijn jongste zoon aan mij stuurde.
Wat verder opmerkelijk was, is dat het verslag van Bureau Kuipers & Houtman geschreven was door Jeanice R. (aanwezig bij mijn derde gesprek waarbij ik mijn toestemming voor het verslag introk) en Ellen ter B.. De laatste was zeker op de hoogte van het intrekken van mijn toestemming voor het verslag en kende de reden daarvoor. Ellen ter B. is een jaar later aangenomen bij instelling Inter-psy, een instelling waar Raad voorde Kinderbescherming en rechtbank een blind vertrouwen in hebben en blind op varen. Inter-Psy en het traject daar komt later nog uitgebreid aan de orde.
6 oktober 2021
In het familierecht en in situaties als in mijn gezin schrijft de overheid voor dat het wenselijk is dat ouders telkens met dezelfde rechter te maken hebben. Toch vond de Rechtbank Noord-Nederland dit niet nodig en negeerde men deze eigen regels zoals te lezen in deze overheidsuitgave:
Vechtscheiding: één gezin, één zaak, één rechter (p8, p52 en p83).
De tweede zitting bij de rechtbank Noord Nederland.
Bij de tweede zitting was de (kinder)rechter mevrouw mr. T. ter Brugge.
Elisa S. was wel weer als raadsvertegenwoordiger aanwezig, maar er was tegen de regels in een andere rechter dan bij de eerste zitting. Het klinkt cynisch, maar de twee konden het goed met elkaar vinden. De aanname dat er een vechtscheiding was met veel onrust werd onderling gedeeld (hoewel dit onjuist was en er nooit feitenonderzoek was gedaan). Het contactherstel werd niet belangrijk bevonden. Raadsmedewerker Elisa S. had in augustus tijdens een telefoongesprek met mij al aangegeven dat mijn jongste zoon zijn plek al had gevonden bij ex-partner, en dat vond zijn toen al de beste oplossing. Het heikele punt "contactherstel" werd daarom als "maatwerk" neergelegd bij instelling Inter-Psy die een aantal maanden later van start zou moeten gaan met het traject complexe scheiding. Inter-Psy gaf later aan niets van maatwerk te hebben geweten. Maar, lees dan nog even wat de
werkgever (RvdK)
en de
overheid en experts (in de laatste alinea)
zeggen over (dreigend) contactverlies.
Ik heb mijn kinderen leren voetballen, ben vanaf kaboutervoetbal tot 2021 betrokken geweest (ook als coach) bij hun teams en de club. Advocate van mijn ex-partner Eva Peeters had hierover tijdens de zitting een uitspraak van mijn jongste zoon op een walgelijke manier uit zijn verband gerukt on het contactverlies recht te praten:
"Over het voetballen van [jongste zoon] wil ik aangeven dat [jongste zoon] bij de vrouw heeft aangegeven het wel als vervelend te hebben ervaren dat de man coach was van het team."
En iedereen op de club weet dat deze zeer kwetsende opmerking onzin is. Maar, het mag gewoon gezegd worden in de rechtszaal.
Een ander veelzeggend citaat waar ik een reactie van de rechtbank op had verwacht betrof dat ex-partner aangaf dat zij ook niet wist waarom [jongste zoon] geen contact meer had met zijn vader en daarop zei:
"Ik was dan ook blij met het traject bij Training- en Adviesbureau Kuipers & Houtman maar wat daar precies is besproken weet ik niet"
Het zogenaamde "traject" was door de rechtbank bedoeld als een begeleid gesprek, geen traject. Nu hoorde de Raadsmederwerker en rechter tijdens de zitting dat er toch een heel traject had plaatsgevonden waardoor de kinderen geen gesprek meer wilden. Maar Raadsmedewerker en rechter schoven het probleem (als maatwerk) snel door naar Inter-Psy, waar bleek dat men daar niet van op de hoogte was gesteld.
Samenvatting van de zitting en uitkomst daarvan, in mijn woorden: het rekken van het contactverlies werd op een presenteerblaadje gebracht, maar men wilde niets zien, men deed niets, de procedures vanuit de eigen werkgever RvdK en overheid deden er niet toe, het was overgaan tot de orde van de dag en anderen moeten het maar oplossen.
Naar MENU ^
30 november 2021
Ontvangst planning Traject Complexe Scheiding (hierna: CS-Traject) van Inter-Psy
Naast een planning (aanvang 8 december 2021) moest er ook een behandelovereenkomst worden getekend. Hierin stonden ook een aantal afspraken vermeld waaraan het CS-Team zich niet zou houden. En erger nog, waardoor ik als vader steeds verder buiten spel werd gezet.
In de behandelovereenkomst stond onder meer:
"Een criterium voor het aanbod is, dat de kinderen klem zijn komen te zitten tussen hun ouders en in hun ontwikkeling worden bedreigd. Een belangrijk aspect is de betrokkenheid van kinderen, die voor het resultaat van het traject afhankelijk zijn van hun ouders. Feitelijk wordt er vooral met de ouders gewerkt. Onderdeel van het traject is echter ook het observeren en spreken van het kind/de kinderen. (…) Ouders bepalen zelf de doelen voor zichzelf en hun kinderen in het traject en de wijze waarop zij deze doelen wensen te realiseren. Deze doelen en de acties om deze te realiseren worden gezamenlijk, met hulp van de behandelaar opgesteld. (…) Het staat ouders vrij om te stoppen wanneer zij geen toewijding en verbinding ervaren met het aangeboden traject en de gestelde doelen. Het staat ook de behandelaren vrij om te stoppen indien zij geen toewijding van de ouders ervaren om tot een positief resultaat te komen. Indien er sprake is van een verwijzing door de rechter in het kader van een lopende of aangehouden procedure zal gerapporteerd worden aan de rechter. Onderdeel daarvan kan rapportage aan de Raad voor de Kinderbescherming zijn. Deze rapportage wordt vooraf met de ouders besproken en zij kunnen ook hun eigen aanvullingen bijvoegen."
in de overeenkomst kon ik geen problemen of beperkingen vinden en het leek te voldoen aan wat mijn advocaat aangaf: alles kan en mag in dit traject aan de orde komen. Dit kwam vooral naar voren in dit fragment van de overeenkomst:
Zelfbeschikking
"Ouders nemen zelf vanuit hun zelfstandigheid en vrijheid beslissingen en bepalen daarmee zelf de uitkomst van het traject, waaronder ook de oplossingen voor hun conflicten. Ten aanzien van de conflicten is de rol van de behandelaar die van een neutrale, deskundige begeleider en deze zal ouders ondersteunen in het proces om zelf tot beslissingen te komen. Ouders blijven zelf verantwoordelijk voor de uitkomsten."
Maar het eerste wat de deze "neutrale en deskundige" begeleiders voorschreven, was dat er niet naar het verleden mocht worden gekeken en feitenmateriaal tot het verleden behoorde. Ook al was dat nog nooit goed onderzocht of beoordeeld. In de verslaglegging werd door het CS-Team vermeld:
"Vader wil ons verslagen en verwijzingen laten lezen. Moeder geeft aan dat als wij dat gaan lezen ook zij heel wat informatie heeft die we dan mogen lezen. De vraag is wat hoort bij ons en wat bij eerdere hulpverleners."
Het CS-Team bepaalde dat er geen feitenmateriaal uit het verleden aan de orde zou komen tijdens het traject. Dit, terwijl waarheidsvinding binnen de jeugdzorgketen door experts al langere tijd als zeer belangrijk wordt gezien.
Alleen de verzoeken aan de rechtbank van mijn ex-partner, de beschikking van de rechtbank en de opdracht aan Inter-Psy was de kennis waarmee het CS-Traject team zou gaan werken. Daarmee was het traject al gestart met een probleem. De
meest belastende punten
in de verzoeken aan de rechtbank, die nooit zijn onderzocht, werden als waarheid en uitgangspunt van het traject genomen.
Naast de getekende afspraken in de overeenkomst zou Inter-Psy een nog aantal garanties bieden bij het CS-Traject team. Bijvoorbeeld een vast Team van twee behandelaren (hierna: CS-team) van begin tot eind van het traject.
Dan kom ik al snel bij de werkelijkheid terecht:
* Na de eerste sessie werd al een behandelaar vervangen en na 5 sessies verliet deze vervangende behandelaar het team.
* Het CS-team gaf geen prioriteit aan het steeds langer durende
contactverlies
met mijn jongste zoon.
* Zoals eerder gezegd: het team van behandelaren wilde geen kennis nemen van het dossier van ons gezin, dat was iets van behandelaren in voorafgaande trajecten. De eerste sessie van 8 december 2021 was een streep in het strand. De
inhoud van de verzoeken
werden door het CS-Traject team als leidraad gehanteerd en men nam aan dat er een vechtscheiding speelde wat tot 2021 niet het geval was.
- - Op dit punt aangekomen wil ik aangeven dat we inmiddels gearriveerd zijn op het hoogtepunt van mijn cynisme. - -
Voordat ik een paar ervaringen met het CS-team bespreek wil ik aangeven dat ik het CS-team van Inter-Psy heb ervaren als een soort Taliban van de jeugdzorgketen. Je kan het ook vergelijken met de Inquisitie (van het Latijn inquisitio = onderzoek) waar onderzoek ook gelijk stond aan "aannames" zoals de RvdK deze nog steeds hanteert: niet onderzoeken, maar uitgaan van iets wat men aannemelijk vindt. Maar goed, ik wil geen religieuze organisaties of stromingen beledigen, dus ik laat het voorgaande er verder bij dat het mijn ervaring is.
Naar MENU ^
8 december 2021, de intake sessie:
Uit de verslaglegging van deze intake, vermeld door het CS-Team:
"[Oudste zoon] woont bij vader en [Jongste zoon] woont bij moeder. Op dit moment is er sinds 4 januari 2021 geen contact tussen [Jongste zoon] en vader. Vader wil heel graag weer contact met zijn [Jongste zoon]. Sinds 4 januari van dit jaar heeft hij geen contact meer met hem gehad. Doel wat vader wil bereiken is dat hij weer gewoon contact met beide zoons heeft, zowel voor hem als voor vader. Vader geeft aan niet te begrijpen wie allemaal en waarvoor iedereen betrokken is in deze casus. Hij is blij met de start van het CS traject, in de hoop dat er iets zal veranderen."
Tijdens de intake bleek dat mijn ex-partner en ik ieder gekoppeld aan een eigen behandelaar. Ik werd gekoppeld aan een soort self-made therapeute, Tineke J. die werkt vanuit de stroming van Emotionally Focused Therapy (EFT), een tamelijk extreme stroming gebaseerd op de hechtingstheorie. EFT was gezien de situatie (naar mijn mening) in mijn gezin niet geschikt, maar het CS-Team bleef erbij dat er langdurige vechtscheiding speelde en wilde geen kennisnemen van een (medisch) dossier. Het CS-Team bleef daarom vasthouden aan EFT.
Ik heb het CS-Team geprobeerd te overtuigen dat de
inhoud van de verzoeken
niet waren onderzocht op waarheid en dat kennisname van het dossier van mijn gezin noodzakelijk was, zoals wordt
voorgeschreven
. Dan was ook duidelijk geworden dat gewerkt moest worden aan het steeds langer durende contactverlies met mijn jongste zoon. In wezen was in die een onthechting gaande en is het niet te begrijpen dat een aanhanger van de hechtingstherapie hier geen prioriteit aan wilde geven. En nu, op het moment dat je dit leest heb ik nog steeds geen enkel contact met mijn jongste zoon (al meer dan vier jaar dus).
Wat verder als opvallend in het CS-Traject naar voren kwam, is dat de bij gezinstherapie volgens EFT van belang is:
"Pas als er helderheid komt in wat er écht aan de hand is, ontstaat er ruimte voor herstel".
Maar Tineke J. had aangegeven niet geïnformeerd te willen worden over het volledige beeld van mijn gezin (en nogmaals: Tineke J. is zelf niet bevoegd om medische dossiers te lezen).
Meer informatie over EFT-gezinstherapie: eft.nl (kopje: Hoe werkt EFT-gezinstherapie?).
Afgevaardige in Nederland van de mondiale EFT organisatie ICEEFT.
Het kan zijn dat ik een CS-team van Inter-Psy heb getroffen met een wat extreme inslag, en dat Inter-Psy betere/sympathiekere teams had. Maar gezien mijn CS-team tijdens het traject al uiteen viel (tweede behandelaar Mirjam W. verliet Inter-Psy al tijdens het CS-traject) en omdat Inter-Psy na mijn traject stopte met Trajecten CS kunnen we concluderen dat er geen beter of sympathieker team was.
Dan weer verder met de intake van 8 december 2021. behandelaar Tineke J. vertelde tijdens haar introductie dat zij een dochter heeft die ook een zeer moeilijke scheiding moest doorlopen. Na het introductiegesprek met mij, waarbij werd aangegeven dat ik maar naar buiten moest als ik agressieve neigingen zou krijgen, begon al snel duidelijk te worden hoe het traject zou verlopen: volgens het plan van het CS-team, en niet anders.
Het CS-Traject was dus helaas al begonnen met een slechte verstandhouding en weinig vertrouwen. Dit is een bekend verschijnsel en daarom wordt er vanuit de overheid op aangedrongen bij gezinnen als de mijne snel en gedegen feitenonderzoek te doen. Tineke J. wilde dit uit principe niet doen. In de verslaglegging van 8-12-2021 schrijft zij:
"Vader wil ons verslagen en verwijzingen laten lezen .... De vraag is wat hoort bij ons en wat bij eerdere hulpverleners"
En daarmee werd mijn verzoek afgewezen.
In het eindrapport aan de rechtbank schrijft behandelaar Tineke J. hierover:
Tevens is er een verschil van mening tussen vader en de behandelaren over de wijze waarop de gesprekken plaats vinden. Vader wil graag uitzoeken hoe de dingen verlopen zijn in het verleden en waarom [Jongste zoon] geen contact meer met hem wil. Dit wil vader graag door het op een rij zetten van de feiten en hoe de ouderafwijzing van [Jongste zoon] ontstaan is. Aangezien er naast feiten ook sprake is van een verschil in beleving bij ouders in een dergelijke situatie, kiezen de behandelaren er niet voor om op het verzoek van vader in te gaan"
Dus wat er in de 10 voorafgaande jaren gebeurde en in het voorgaande van mijn verhaal te lezen is, wordt geschaard onder een "verschil in beleving", zonder dat het CS-Team ook maar iets wist van die gebeurtenissen. Maar ook ging het CS-Team er vanuit dat de beschikbare stukken al eens eerder door bevoegde jeugdzorgmedewerkers waren gelezen en beoordeeld, wat niet het geval was: weer de zoveelste onjuiste aannames.
De intakesessie van 8 december 2021 was intensief en nam een behoorlijke tijd in beslag. Op 16 december 2025 ontving ik twee datums voor opvolgende sessies op 22 december 2021 en 5 januari 2022.
22 december 2021
Omdat tijdens de sessie van 8 december 2021 de sessie grotendeels gericht was op mijn visie op de problematiek was deze sessie voor de visie van mijn ex-partner. Maar daarbij: ik mocht niet onderbreken of reageren. Ik werd geacht alleen te luisteren.
Eerder gaven de rechter en vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming Elisa S. te kennen dat zij onderzoek m.b.t. het dossier van mijn gezin niet nodig vonden. Op 8 december gaf het CS-team ook geen kennis te willen nemen van het dossier van mijn gezin. Met dat uitgangspunt kon mijn ex-partner tijdens deze sessie haar fantasie en beschuldigingen verder de vrije loop laten gaan. Er was een nieuw dieptepunt bereikt in mijn ervaringen binnen de jeugdzorgketen getiteld "mentale marteling".
Hoe het contactverlies met mijn jongste zoon kon worden opgeheven, maar ook waardoor het verlies zo plotseling ontstond, kwam niet aan de orde.
23 december 2021
Op 23 december 2021 ontving ik een lijst met de verdere planning van de sessies. De intake en het contactverlies bleven tot die tijd in mijn hoofd rondzingen. Ik had me voorgenomen het CS-traject netjes te doorlopen en elk conflict te vermijden. Toch wilde ik mijn gevoel over de eerste twee sessies kwijt, en probeerde ik met een bericht aan het CS-Team het traject nog een keer op scherp te zetten. Ik schreef op 23 december 2021, ook vermeld in de verslaglegging van het CS-Team:
"Ik moet nog wel kwijt dat ik zeer veel moeite heb met het traject. Het gaat tot nu toe om meningen en persoonlijke inzichten terwijl de feiten niet aan de orde komen. (…) Ik ben min of meer verplicht maar in principe wel gemotiveerd dit traject te doorlopen. Maar ik weet niet hoelang ik die motivatie kan vasthouden als er telkens meer niet te verifiëren informatie serieus wordt besproken".
Ik bleef ongerust over het verdere veerloop van het CS-Traject, en het contactverlies kreeg geen aandacht. In aanloop naar het gesprek van 5 januari 2022 schreef ik naar het CS-Team:
"Naar mijn mening zal in de eerste plaats, in het belang van de kinderen, moeten worden voorkomen dat verkeerde dingen niet weer gebeuren. Dan zal ook duidelijk worden waarom [Jongste zoon] geen contact meer wil met vader. Daarna kunnen we bekijken hoe en of de verhoudingen binnen het voormalige gezin verbeterd kunnen worden. Hierbij zouden we ons zoveel als mogelijk bij de feiten moeten houden en hierbij niet allerlei niet te verifiëren verhalen betrekken. Mij is beloofd dat alle feiten binnen dit traject boven tafel zouden komen. Dit is tot nu toe afgehouden."
5 januari 2022
Tijdens deze sessie kwam naar voren dat de problemen met de gezondheid en ontwikkeling van de kinderen oplosbaar zouden zijn binnen het CS-Traject. En, de verschillen in regels en grenzen stellen bij vader en moeder, hoorde bij de ontstane situatie. Het CS-Team ging proberen, door ouders onderling goed te laten communiceren, een stabiele situatie te creëren. Er werd een actueel probleem bij de kop gepakt, samen over gepraat en daar werden afspraken over gemaakt.
Tijdens deze sessie kwam ook nog een fenomeen aan de orde wat vaak een grote rol speelt bij oudervervreemding en aannames in de jeugdzorgketen:
"Waar rook is, is vuur"
Eenvoudig gesteld: wanneer er verhalen worden verspreid over een vader, dan gebeurt dat niet zomaar. Dan zal daar ook wel iets, of alles van kloppen. Dat was ook mijn uitleg tijdens deze sessie. Waarom ik dit aan de orde bracht: het CS-Team ging er verschillende keren uit dat de stellingen van mijn ex-partner in de verzoeken aan de rechtbank (gedeeltelijk) klopten. Met dat uitgangspunt stelde het CS-Team ook vragen aan mij zoals "waarom stopte je toch telkens met behandeltrajecten?" of waarom ik geen vertrouwen in hulpverleners zou hebben. Voor wat betreft het laatste. Hoewel ik tijdens het CS-Traject verschillende keren en nadrukkelijk heb gezegd dat ik ook zeer goede ervaring heb met hulpverleners, koos het CS-Team ervoor dit niet in verslaglegging en eindrapport te vermelden. Men hield vast aan de verhalen in de
verzoeken aan de rechtbank
.
Ik was meegegaan in de poging van het CS-Team de communicatie te gaan verbeteren. Maar zoals in eerdere trajecten lukte het mijn ex-partner niet de afspraken na te komen. In de opvolgende sessies, eind januari 2022 werd dit geweten aan allerlei andere oorzaken, zoals problemen in de kinderen zelf, door hun karakter. Nogmaals wees ik erop dat naar de oorzaak van het het gedrag, gezondheid en ontwikkeling van de kinderen moest worden gekeken. Maar het CS-Team bleef vasthouden aan de eigen werkwijze en liet de realiteit in het midden. Het contactverlies met mijn jongste zoon bleef op de achtergrond, en ik begon de afstand als steeds groter te ervaren. Het CS-Team schreef naar aanleiding van vragen eind januari 2022 aan mij:
"Uiteraard doen wij onderzoek naar duiding van de afwijzing van [Jongste zoon] richting jou, dat is ons werk. We volgen daarbij een route die ons richting geeft, waarbij we onderweg afhankelijk van wat zich aandient bepaalde middelen inzetten. Onderdeel van dit onderzoek is (bijna) altijd kennismaken met de kinderen."
Er ontstond een situatie zonder veel vertrouwen en met de nodige irritaties. Maar opeens waren er ook "gebeurtenissen uit het verleden" die bij mijn jongste zoon een rol zouden spelen. Er werd een traject opgezet gelijk aan dat bij Kuipers & Houtman. En met een opzet die mijn jongste zoon niet zou willen: bij voorbaat een mislukt traject. Behandelaar Tineke J. schrijft uiteindelijk op 14 april 2022 (!) hierover:
"We voeren een (aantal) gesprek(ken) met [Jongste zoon]. Op basis daarvan maken wij een inschatting van wat nodig is: gesprekken met een behandelaar die gericht is op contactherstel met [vader] of dat er (eerst) individuele behandeling nodig is voor gebeurtenissen uit het verleden. Afhankelijk van dit individuele gedeelte met [Jongste zoon], zullen we gaan bekijken of we verder gaan met het CS traject met jullie (en daarbij zal [Jongste zoon] dan ook betrokken worden/blijven), dan we dat we gaan afsluiten"
21 april 2022
Ter afsluiting schreef ik nog
een bericht aan het CS-Team
.
Naar MENU ^
Vanaf medio maart 2022 was behandelaar Mirjam W. niet meer werkzaam in het CS-Team. Behandelaar Tineke J. schreef vanaf dat moment de verslaglegging en het eindrapport voor de rechtbank en Raad voor de Kinderbescherming. En dat heb ik geweten...
De CS-Trajecten werden medio 2022, samen met de twee behandelaars van mijn traject, overgenomen door organisatie ProTalent:
Meer details over
het feestelijke welkom heten van Tineke J. en Mirjam W. bij ProTalent
na hun overplaatsing.
11 mei 2022
Het eindrapport van het CS-Traject van Inter-Psy valt op mijn deurmat. Voordat ik op de inhoud in ga, nog even dit fragment uit de behandelovereenkomst:
"Indien er sprake is van een verwijzing door de rechter in het kader van een lopende of aangehouden procedure zal gerapporteerd worden aan de rechter. Onderdeel daarvan kan rapportage aan de Raad voor de Kinderbescherming zijn. Deze rapportage wordt vooraf met de ouders besproken en zij kunnen ook hun eigen aanvullingen bijvoegen."
De rapportage werd (helaas) voor verspreiding niet met mij besproken. Er stonden meerdere feitelijke onjuistheden en verkeerde interpretaties in het eindrapport, en had een lading dat het CS-Team te maken had met een vader die constant dwars lag. Vanwege de inhoud stuurde ik een reactie op het rapport naar Inter-Psy met mijn bezwaren tegen het rapport en een verzoek de feitelijke onjuistheden aan te passen. Maar het rapport, ook goedgekeurd door behandelaar Mirjam W. zou niet worden besproken en ook niet worden aangepast. Mijn bezwaren werden alleen meegestuurd naar de rechtbank.
In het kort, enkele onjuistheden en verkeerd beeld in het rapport:
» Het CS-Team beweert in de conclusie dat het beschikbare feitenmateriaal in voorgaande trajecten is beoordeeld en gebruikt en daarom besloot dit niet te raadplegen. Tevens gebruikt het CS-Team mijn verzoeken voor gebruik van feitenmateriaal als reden voor het mislukken van het CS-Traject. Ook zou daardoor contactherstel met mijn jongste niet zijn gelukt. Let vooral op het woordje "opnieuw":
"Vader kon het niet verkroppen dat wij niet alles opnieuw gingen onderzoeken en verifiëren. Dit leidde tot dusdanig veel onvrede, dat er voor contactherstel geen ruimte was."
Het woord "opnieuw" wordt gebruikt. Maar het belangrijkste feitenmateriaal is nooit onderzocht of geverifieerd. En contactherstel kwam pas na maanden na de bovenstaande "vaststelling" voor het eerst aan de orde. Contactherstel had geen prioriteit, terwijl dat wel zo had moeten zijn. Lees over
"het tijdsaspect als risicofactor"
bij contactverlies in een uitgave van de Raad voor de Kinderbescherming.
Omdat het CS-Team geen kennis wilde nemen van het feitenmateriaal, werd in het eindrapport ook de volgende zin opgenomen over mijn verzoek over het beoordelen van feitenmateriaal:
"Aangezien er naast feiten ook sprake is van een verschil in beleving bij ouders in een dergelijke situatie, kiezen de behandelaren er niet voor om op het verzoek van vader in te gaan"
» In april 2022 was er dan eindelijk een opzet voor gesprekken met mijn jongste zoon (eerder op deze pagina beschreven). Het CS-Team schrijft hierover in het eindrapport als in een omgekeerde wereld:
"Het is ons niet gelukt om hierin met vader tot een samenwerking te komen. Moeder stond open voor gesprekken met een collega en [Jongste zoon] ter voorbereiding op en onderzoek naar het contactherstel met vader. Zij leek ook, net als vader, te lijden onder het contactverlies tussen vader en [Jongste zoon]. Er lijkt geen sprake van ouderafwijzing, eerder van pogingen tot toenadering."
Nogmaals: tot april 2022, tijdens vier maanden CS-Traject, werd geen aandacht besteed aan contactherstel, maar was er vooral aandacht voor de communicatie tussen ouders. Het contactherstel had geen prioriteit. Het moest precies zo gaan als het CS-Team wilde.
Dan haak ik nog in op een deel van het voorgaande fragment:
"Er lijkt geen sprake van ouderafwijzing, eerder van pogingen tot toenadering."
Het CS-Team geeft hiermee aan dat ze dat zij denken dat er geen sprake is van oudervervreemding (ook wel genoemd: vaderverstoting, oudervervreemding en recent ook geblokkeerde ouder-kindrelaties na scheiding), maar dat mijn ex-partner juist erg haar best heeft gedaan om tot contactherstel te komen. Maar dat is zij ook verplicht volgens de wet, dus hoeft dit niet expliciet vermeld te worden in een rapport aan de rechtbank. Wat beter was geweest is dat het CS-Team kennis had genomen van wat gebeurde in de perioden waarin mij ex-partner juist contact tussen mij en de kinderen dwarsboomde (bijvoorbeeld vooraf gaand aan de eerste zitting in de periode januari - mei 2021 en tijdens het uit de hand gelopen "Traject" van Kuipers & Houtman in de periode juni - september 2021). Het staat zwart op wit in verschillende feitendocumenten. En het werd ook steeds duidelijker dat wanneer het om stukken ging bestemd voor de rechtbank of de momenten dat een rechter in de buurt was: mijn ex-partner toonde altijd grote inzet voor contactherstel, luidkeels in de rechtbank of op schrift. Het was een schaakspel geworden met een duidelijk doel. Maar bij het CS-Team gingen aannames boven waarheidsvinding net als bij de meeste betrokkenen in de jeugdzorgketen. En het werd steeds duidelijker hoe van die naïviteit misgebruik werd gemaakt.
» In de verslaglegging van het CS-Team wordt (vreemd genoeg) als eerste regel bij het verslag van de intake vermeld:
"Vader heeft moeite met vertrouwen van behandeling, ingegeven door eerdere ervaringen. Hier uitgebreid aandacht aan besteed. Vader zegt: waar rook is, is vuur. hiermee doelt hij op zijn ervaring bij eerder hulp en verwacht dat ook wij zo denken, uitleg dat we een "not nowing" houding hebben. Vader lijkt dit nog niet in te kunnen zien"
(Zie eerst mijn uitleg hierover in de bespreking van de sessie van 5 januari 2022)
Dit fragment wordt door het CS-Team gebruikt om het eindrapport, gericht aan de rechter en RvdK, af te sluiten. Maar dan nog met een extra laatste zin van Inter-Psy behandelaars Tineke J. en Mirjam W. over mijn persoon:
"Hij wil dat het gaat zoals hij in zijn hoofd heeft."
Naar deel 4: 2022: Naar MENU ^